Hoofdstuk 1 Betrouwbare overheid

Hoofdstuk 1: Betrouwbare overheid

 

Waar staat de ChristenUnie voor?

Bij de ChristenUnie staat de samenleving centraal. Een samenleving die niet het werk is van de overheid maar van mensen en maatschappelijke verbanden samen.
De gemeente heeft dus een bescheiden rol en heeft vooral als taak de kracht in de samenleving te versterken en staat daarom naast mensen. Om te wijzen op de eigen verantwoordelijkheid maar ook om mee te denken, te stimuleren en te ondersteunen waar dat nodig is. Dit vraagt om maatwerk: de een heeft die ondersteuning sneller nodig dan de ander. En voor kwetsbare mensen die het echt niet zelf of samen met anderen kunnen, biedt de overheid een vangnet.

 Inwoners moeten een beroep kunnen doen op de overheid als hun vrijheid, veiligheid of bestaanszekerheid in het geding is. Om die reden is het goed dat de overheid op een aantal belangrijke terreinen ook grenzen aangeeft, handhaaft, normeert en kadert.

 1.1 Vertrouwen

Het vertrouwen in de politiek en in de overheid staat onder druk. De ChristenUnie ziet dat en neemt dat serieus. Wij zijn ervan overtuigd dat goed bestuur en sterk moreel en integer leiderschap de basis vormen voor een bloeiende samenleving. Net zo belangrijk is een samenleving die zich realiseert dat een overheid niet alles kan oplossen en zelf ook verantwoordelijkheid neemt.

De ChristenUnie zet in haar werk in de gemeenteraad in op luisteren en samenwerken. Het wel of niet deelnemen aan een coalitie is daarbij niet doorslaggevend. Het innemen van standpunten in de raad wordt primair bepaald door de uitgangspunten van de partij, die o.a. zijn vastgelegd in het programma. Als fractie willen we betrouwbaar en constructief bekend staan in de gemeente Emmen.

 De ChristenUnie wil bijdragen aan het herstel van vertrouwen door:

  • Open, herkenbaar en betrokken aanwezig te zijn in de gemeente Emmen.
  • In te zetten op goede relaties met inwoners en tussen openbaar bestuur en inwoners.
  • Eerlijk te zijn en geen beloftes te doen die niet zijn na te komen.
  • Er voor te zorgen dat politieke processen zoveel mogelijk in de openbaarheid plaatsvinden.
  • Te streven naar een coalitieakkoord op hoofdlijnen zodat er voor alle partijen ruimte is voor invloed op beleid.
  • De bereikbaarheid en dienstverlening van de gemeente hoge prioriteit te geven.
  • Het onderwerp integriteit continu aandacht te geven.
  • De burgemeester is hoeder van de integriteit en daarmee ook vertrouwenspersoon voor raad en college. De burgemeester stelt een tweede vertrouwenspersoon aan, waarbij ervoor wordt gezorgd dat er altijd een man en een vrouw vertrouwenspersoon zijn.

 1.2 De gemeente, dat zijn we samen

De ChristenUnie wil dat inwoners zoveel mogelijk zelf verantwoordelijkheid nemen voor het eigen handelen en — samen met anderen en de overheid — de zorg voor de samenleving oppakken.

 De gemeente moet op haar beurt dan wel open staan voor initiatieven van inwoners, maar ook voor initiatieven van instellingen, bedrijven en kerken. Vooral als die het algemeen belang op het oog hebben. Hierbij past een overheid die meedenkt, participeert, drempels verlaagt en faciliteert. De ChristenUnie stimuleert dat inwoners zichzelf organiseren in bijv. coöperaties en daarmee verantwoordelijkheden op zich nemen op het gebied van duurzaamheid, zorg, lokale economie of wijkbeheer. Meer verantwoordelijkheid van inwoners vraagt om minder regels van de gemeente, om minder administratieve lasten en bureaucratie. Kortom, college, raad en ambtelijke organisatie die durven los te laten, in wederzijds vertrouwen.

 De ChristenUnie wil inzetten op het meedenken van inwoners, platforms en comités  voorafgaande aan beleidsvorming in de raad. Burgerinitiatieven willen we ruimhartig verwelkomen en participatie stellen we op prijs. Wel letten we erop dat de gemeenteraad vanaf het begin heel duidelijk is over de ruimte die er is voor burgerparticipatie. Dat steekt nauw. Aan de ene kant niet pas het gesprek aangaan als keuzes al gemaakt zijn maar ook geen ongecontroleerde burgerparticipatie.

Inwonerpeilingen, experimenten met nieuwe vormen van vertegenwoordiging en andere manieren om inwoners te betrekken bij de besluitvorming moeten aanvullend zijn op het mandaat dat via de verkiezingen door de inwoners is gegeven. Juist bij belangentegenstellingen is het de gemeenteraad, die als hoeder van het algemeen belang, knopen doorhakt. Het lokaal bestuur blijft eindverantwoordelijk.

Overheid en inwoner

De gemeente heeft een aantal belangrijke kerntaken, zoals veiligheid, (jeugd-)zorg, maatschappelijke ondersteuning, ruimtelijke ordening en duurzaamheid. Zelfs bij die taken waar zij hoofdverantwoordelijk is, zoekt zij steeds zoveel mogelijk samenwerking met de samenleving (inwoners, bedrijven, organisaties, kerken, scholen enzovoort).

De ChristenUnie waardeert het eigene van dorpen en wijken. De gemeente moet alle mogelijkheden benutten om bewoners van buurten (dorpen en wijken) te betrekken bij zaken die hen raken.

De ChristenUnie gaat voor specifiek dorps- en wijkbeleid.

 Voor een betrokken dorps- en wijkbeleid kiest de ChristenUnie voor het inzetten van wijkambassadeurs. Dit zijn mensen die met beide benen in de buurt staan en een makkelijke toegang hebben tot ambtenaren, raadsleden en wethouders. Deze ambassadeurs zijn een soort accountmanagers die zelf bepaalde  bevoegdheden hebben zodat ze daadkrachtig binnen het gemeentehuis kunnen werken. In principe wordt hier het netwerk van Erkende Overlegpartners in dorpen en wijken voor gebruikt. Deze structuur verdient wel een opfrisbeurt en kan aangevuld worden met nieuwe mogelijkheden, zoals met buurtplatforms, e.d.

De ChristenUnie wil dorpen, wijken, buurten eigen verantwoordelijkheid geven, ondersteund met eigen budgetten. De kracht van de buurt is daarbij uitgangspunt.

Erkende overlegpartners, buurtplatforms, wijkorganen, coöperaties worden gefaciliteerd om hun vertegenwoordigende rol te kunnen vervullen. Voorwaarde is, dat er een duidelijk draagvlak voor de vereniging in de wijk moet worden aangetoond.

Voor een degelijk beleid is het noodzakelijk beleidsvrijheid te geven om kleine projecten slagvaardig te kunnen aanpakken.

  • Ruimte voor inwoners die verantwoordelijkheden op zich nemen (bijv. in coöperaties) op het gebied van duurzaamheid, energie, zorg, lokale economie of wijkbeheer.
  • Indieners van burgerinitiatieven worden niet van het kastje naar de muur gestuurd. De gemeentelijke organisatie hanteert hiervoor een eenvoudig systeem/loket. Er kan worden aangehaakt bij de ambassadeurs van de wijken en dorpen.
  • Meer vertrouwen, minder regels: elk jaar komt het college met voorstellen voor regels die geschrapt, vereenvoudigd of samengevoegd kunnen worden.
  • Wijken krijgen meer eigen mogelijkheden om keuzes te maken die passen bij de wijk en zo mogelijk ook eigen budgetten.
  • Inwoners worden vroegtijdig open en eerlijk betrokken bij beleidskeuzes en grote ontwikkelingen.
  • Heldere procesafspraken bij burgerparticipatie.
  • De gemeente gebruikt bij schriftelijke communicatie met inwoners eenvoudig Nederlands. (Taalniveau B1.)

Gemeentelijke herindeling en samenwerking

Samenwerking of fusie van gemeenten moet ‘van onderop’ plaatsvinden. Hiermee wordt bedoeld dat de gemeenteraden van de individuele gemeenten hiertoe besluiten. Zij vormen de onderste en daarmee de verantwoordelijke bestuurslaag.

Uitgangspunt voor de ChristenUnie is, dat de kwaliteit van de gemeentelijke organisatie (ook wel bestuurskracht genoemd) voldoende moet zijn en blijven. Als deze bestuurskracht tekortschiet, is de gemeenteraad de eerstverantwoordelijke om te gaan zoeken naar versterking van deze bestuurskracht.

 De ChristenUnie wil minder bestuurlijke drukte. Bestuurlijke samenwerkingsverbanden zoals gemeenschappelijke regelingen (WGR) vragen een kritische houding. De ChristenUnie is niet per definitie tegen gemeenschappelijke regelingen, maar die dienen op z'n minst de mogelijkheid in zich te hebben dat de individuele gemeente eigen beleid kan blijven formuleren. Ook is belangrijk dat de raad zicht en controle houdt op besluiten die een WGR neemt.

  • Keuzes voor schaalvergroting (samenwerking met andere gemeenten in allerlei gradaties) worden gemaakt op basis van inhoud, kwaliteit, draagvlak en herkenbaarheid.
  • De ChristenUnie steunt (het wettelijk mogelijk maken van) initiatieven die kaderstelling en controle rondom samenwerkingsverbanden versterken.
  • De raad maakt afspraken over hoe de gemeenschappelijke regelingen, zoals de EMCO en GGD, vanuit de raad worden gevoed en gecontroleerd.

 1.3 Financiën  

Van de gemeente verwachten wij dat zij een betrouwbare, goede rentmeester is van de beschikbare middelen. Structurele uitgaven, zoals voor wegen en onderwijshuisvesting, moeten kunnen worden betaald uit vaste inkomsten. Alle inwoners betalen mee, hetzij via de afdracht aan de rijksoverheid, hetzij via de gemeentelijke belastingen zoals de Onroerende Zaak Belasting (ozb). Uiteraard is er voor mensen met weinig financiële draagkracht, maatwerk mogelijk.

 In de afgelopen periode is het takenpakket van de gemeenten flink uitgebreid. Hierbij zijn de financiële risico’s toegenomen. De mogelijkheden deze op te vangen zijn gericht op efficiëntievergroting door integraal de taken die de gemeente heeft op sociaal gebied, in de openbare ruimte en op het terrein van veiligheid in te vullen. Daarmee is de noodzaak versterkt om alle risico's beter in beeld te brengen en te beheersen. Toekomstige generaties mogen niet worden opgezadeld met de gevolgen van slecht (financieel) beleid van hun voorgangers.

 Politiek is kiezen

Het begint allemaal met het inzichtelijk maken van de begroting en jaarrekening welke prestaties voor de beschikbare financiën worden uitgevoerd en zijn gerealiseerd. Publieke middelen zijn per definitie schaars; er zijn altijd meer wensen dan er geld beschikbaar is. De gemeenteraad moet zorgvuldig de verschillende wensen, noden en belangen kunnen afwegen. Bij bezuinigingen moeten de posten die te maken hebben met de nood van individuele inwoners, zorg, veiligheid, beheer en onderhoud van bestaande voorzieningen worden ontzien.

De nieuwe voorschriften voor begroting en jaarrekening zijn gericht op transparantie en betere vergelijkbaarheid met andere gemeenten.

De gemeente koopt duurzaam en circulair in. Keuzes en resultaten zijn meetbaar.

De gemeente als ambtelijke organisatie moet blijven werken aan doelgerichtheid en efficiëntie. Rekenkameronderzoeken kunnen daarbij behulpzaam zijn, mits ze gericht worden ingezet en geen (politiek) doel op zich worden.

  • De ChristenUnie is voor experimenten met burgerbegrotingen waarbij het budgetrecht van de raad overeind blijft.
  • De lokale lastendruk stijgt in principe niet meer dan de inflatiecorrectie.
  • De dienstverlening van de gemeente (o.a. leges) is zoveel mogelijk kostendekkend. Wel moet daarbij goed op proportionaliteit en betaalbaarheid gelet worden. Bij inkoopbeleid zijn in de gemeente Emmen duurzame criteria een harde eis. (‘Fair trade’, ‘social return on investment’ en maatschappelijk verantwoord ondernemen en door het mogelijk te maken dat (zorg)inkooporganisaties cao-lonen kunnen volgen.)
  • Kwaliteit en financiën bewaken door kritisch te zijn op:
    • Bekostigen van ‘buitengewone projecten’
    • Subsidiëren van organisaties en activiteiten die evengoed met privaat geld kunnen worden bekostigd
    • De inhuur van externe projectmanagers, adviesbureaus e.d.

1.4 Privacy

Bescherming van persoonsgegevens

Voor een goede vervulling van de toegenomen wettelijke taken en verplichtingen heeft de gemeente de beschikking over veel gevoelige persoonsgegevens. Het koppelen van gegevens is nodig om snel de juiste zorg te kunnen leveren. Onduidelijke privacyregels leiden ertoe dat zorgverleners de veilige kant kiezen en daarmee goede hulpverlening in de weg staan.
Voor het vertrouwen in de overheid is het tegelijk van het grootste belang dat zorgvuldig met deze gegevens wordt omgegaan. Inwoners hebben daar recht op: het recht op bescherming van persoonsgegevens is een grondrecht. Zij moeten daarom goed geïnformeerd zijn over wat er met hun gegevens gebeurt.

De belangrijkste regels voor de omgang met persoonsgegevens zijn neergelegd in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en verder uitgewerkt in o.a. de Wmo en de Jeugdwet. Vanaf 25 mei 2018 geldt in alle EU-lidstaten één privacywet: de AVG. Deze wet legt de gemeente de verplichting op om aantoonbaar alles in orde te hebben voor wat betreft de bescherming van persoonsgegevens.

  • Elke medewerker van de gemeente die gevoelige persoonsgegevens verwerkt volgt een privacytraining of heeft een dergelijke training gevolgd.
  • Medewerkers in het sociaal domein ontvangen werkinstructies om een zorgvuldige omgang met gevoelige persoonsgegevens te waarborgen.
  • Medewerkers in het sociaal domein wijzen cliënten zowel schriftelijk als mondeling op hun rechten op het gebied van privacy.
  • Het vergroten van het privacybewustzijn in de gemeentelijke organisatie moet een belangrijk onderdeel uitmaken van de werkzaamheden van de privacy officers, of de Functionaris voor Gegevensbescherming;
  • De gemeente stelt heldere privacystatements op.
  • Niet de angst voor boetes, maar een intrinsieke motivatie om zorgvuldig om te gaan met persoonsgegevens moet de basis vormen voor het voldoen aan privacywetgeving.
  • De gemeentelijke gegevensopslag, het -gebruik en -beheer is zowel fysiek als geautomatiseerd zo goed mogelijk beschermd tegen inbreuk van buitenaf of calamiteiten.